Opinie: Christelijk Sociaal Nederland?

Gepubliceerd op de website VKMO-Katholiek Netwerk 25 maart 2021

De uitslag van de verkiezingen van vorige week is vooral een keuze voor de status quo, maar dan een beetje beter. De winst van VVD en D’66 wijst erop dat mensen vooral niet teveel willen veranderen. De beschamende toeslagenaffaire, de halfslachtige aanpak van de klimaatsverandering, de alsmaar niet gerealiseerde toezeggingen aan Groningers voor herstel van aardbevingsschade, verhinderen niet dat twee van de vier coalitiepartijen tot de winnaars behoren en door kunnen regeren. De flinke winst van D’66 is geen keuze voor verandering, maar een keuze voor optimalisatie: natuurlijk moet het beter, maar het moet niet anders. We moeten zaken efficiënter en slimmer aanpakken, technologie beter benutten om bestaande problemen aan te pakken, maar het moet niet echt anders. De scherpe kantjes moeten bijgevijld worden, zeker, maar dat is ook wel voldoende.

Het verlies van Groen Links en SP en het niet herstellen van de PvdA bevestigen nog eens dat er vooral voor de status quo is gekozen. De groei van de rechterflank (4 extra zetels) is een weerslag van degenen die verandering zoeken in terugkeer naar vroeger. Met Volt en Bij1 melden zich, naast de Partij voor de Dieren, nieuwkomers die met radicale vernieuwing de status quo willen doorbreken.

Christelijk sociaal perspectief?

Vanuit een christelijk sociaal perspectief bezien hebben deze verkiezingen ons verder op achterstand gezet. In dat perspectief gaat het om twee zaken die beide noodzakelijk zijn, maar lastig te combineren: echte verandering en compassie. De klimaatcrisis, de ongelijkheid en het institutioneel wantrouwen vragen niet om bijvijlen van scherpe kantjes, maar om wezenlijk andere inrichting van de samenleving en van de economie. Tegelijk vraagt een christelijk sociaal perspectief op de samenleving dat we compassie hebben met mensen voor wie het te snel gaat. Compassie met mensen die zich bedreigd voelen door de veelheid en snelheid van veranderingen en die bang zijn zich te verliezen in wat ze moeizaam hebben opgebouwd. Het is verleidelijk om vanwege de noodzaak van verandering geen geduld te hebben met degenen die daarin niet mee willen. Om ze als ballast terzijde te schuiven. Het is even verleidelijk om veranderingen op de lange baan te schuiven of halfslachtig aan te pakken omdat mensen ‘er nog niet aan toe zijn’.

Solidariteit en algemeen welzijn

Solidariteit in christelijk perspectief is radicaal, het is geen selectieve solidariteit waarin we zelf uitmaken met wie we solidair willen zijn. We kunnen niet onze morele juistheid bevestigen door de stemmers op Wilders en Baudet af te koppelen omdat we solidair willen zijn met vluchtelingen en migranten. Solidariteit vraagt om grondige verandering tegenover de enorme ongelijkheid van winnaars en verliezers. Maar het vraagt ook om verbonden te blijven met iedereen in onze samenleving.

Ik was vorige week lid van een stembureau. In de ochtend mocht ik iedereen een stembiljet en een rood potlood overhandigen in een haast persoonlijke ontmoeting: ik keek alle mensen aan bij het overhandigen. ’s Avonds telde ik de stemmen en zag het flinke aantal stemmen voor PVV en FvD. Ik realiseerde me dat het allemaal medebewoners van mijn gemeente zijn. Dat zij allemaal uit overtuiging en als medeburger naar eer en geweten hun stem uitbrachten. Ook als ik het grondig politiek oneens met hen ben, erken ik dat we met elkaar mijn buurt, gemeente, land vormen.

Ook het principe van het algemeen welzijn kan niet verengd worden tot datgene wat ieder voor zich of wat elke partij in het belang van de gemeenschap noodzakelijk vindt. Zelfs als we het kunnen onderbouwen met studies, analyses en berekeningen is algemeen welzijn  een radicaal inclusief principe dat zich niet kan laten verworden tot een buikspreker van ons eigen gelijk. Het algemeen welzijn wordt opgebouwd van onderaf, niet van bovenaf losgelaten op de samenleving.

Electorale realiteit

De huidige electorale politiek is een vorm van toegepaste marketing geworden om klanten te werven en zo het marktaandeel te vergroten. We hebben inmiddels te maken met een groot electoraal middenveld dat geen verandering wil en met vleugels die met groot gemak delen van de samenleving afkoppelen. In die realiteit is er weinig ruimte voor het christelijk sociaal perspectief en ook christelijke partijen ontsnappen niet aan deze electorale logica. Het christelijk sociaal denken moet zich desondanks blijven uitspreken over het verbinden van de noodzaak tot verandering en de noodzaak van compassie. Daarmee draagt ze bij aan een toekomst die nog verborgen is.