2012 Lessen op weg naar sociaal ondernemerschap

Lessen op weg naar sociaal ondernemerschap

In oktober 2010 besloten we met Cordaid een nieuwe weg in te slaan door de tranformatoe tot social ondermeming. Sinsdien praten we over businessplannen, scherpe proposities, declarabele uren en de ‘funding-markt’. Nu de besluiten over deze tranformatie zijn afgerond, de keuzen over positionefring en inrichting van de organisatie zijn gemaakt, is het moment daart op een eerste balans op te maken. Wat hebben we geleerd, wat zijn de belangrijkste knelpunten en  uitdagingen.

Noodzakelijk en gewenst
Alvorens te kijken naar het ‘wat’ en het ‘ hoe’ van de transformatie toch eerst een paar opmerkingen bij het waarom van deze tranformatie. Natuurlijk was het besluit vorig jaar oktober ingegeven door de donkere wolken bovn de financiering van de sector. En hoewel het Catshuisaccoord er niet is gekomen, blijven de lange termijn vooruitzichten op zijn zachtst gezegd onzeker. Maar ook de wens om de afhankelijkheid van overheidsfinanciering te verkleinen en de ambitie om de positie als internationale organisatie te versterken lagen ten grondslag. Met de keuze voor vijftien landen en  vier sectoren wordt de kans steeds groter dat in de toekomst overheidsfinanciering voor maatschappelijke organisaties meer langs deze lijn zal verlopen. We, zolals Cordaid, hecht aan een eigen positie en eigen ruimte voor besluitvorming, doet er goed aan bijtijds de financiele randvoorwaarden voor eigen beleid veilig te stellen.

En de stap was naar mijn inzicht nodig om de institutionele beeldvorming over Cordaid op een ander spoor te zetten. We zijn geen ‘handophoudende subsidieslurpers’ maar organisaties die elke dag voor hun bestaansrecht waarmaken met relevante activiteiten.

het is mijn overtuiging dat de stap naar sociaal ondernemerschap ons tot interessantere en meer dynamische partrners maakt voor anderen, of dat nu overheden, donateurs of bedrijven en stichtingen zijn.

Les 1: richt een geintegreerd primair proces in
De eerste opdracht die we onszelf stalden was het realiseren van een geintegreerd primair proces. Een sociale ondernemings gaat het nioet redden alsprogramma’s. communicatie en financiering elkaar niet op basis van dagelijkse interactie ondersteunen. Het is onvermijdelijk dat de invloed van funding en communicatie op programma’s groter wordt, maar het caricaturaal om te denken dat de inhoud van programma’s ondergeschikt wordt aan de inkomsten. Als sociale onderneming blijft het realiseren van sociale meerwaarde de kernopgave. Maar de verhoudingen tussen deze drie elementen komen meer (beter?) met elkaar in balans. Waar in het verleden de zekerheid van meerjarige overheidsfinanciering programma’s betrekkelijk immuum maakten voor wensen vanuit communicatie en funding (het geld was er toch al), zullen we in de toekomst zien dat mensen met goede ideeen, goede programma’s en goede partners zich de vraag zullen moeten stellen: hoe ziet mijn verhaal eruit en hoe ga ik met mijn vefrhaal anderen overtuigen om dit te financieren.

Overigens is het goed ons te realiseren dat de marktwerking in onze sector al flink is voortggeschreden. Dat geldt zeker voor de donateursmarkt en voor de internationale funding (EU, Werteldbank, Global Fund), maar ook in  de medefinanciering zelf is het element van competitie veel sterker geworden.

Cordaid heeft geen principiele weerzin tegen de markt. de markt is en blijft een belangrijk instrument om vraag en aanbod te verbinden. En in een diverser wordende samenleving, waarin uniforme antwoorden op behoeften niet meer passen, is de markt ook een belangrijk instrument om de diversiteit in de samenleving tot bloei te laten komen. Natuurlijk is er harde en terechte kritiek nodig op het doorgeschoten neo-liberaal denken, dat mens en natuur reduceert tot factoren in een winst gedreven proces van productie en consumptie. Maar het zou een historische vergissing zijn het kind met het badwater weg te gooien. Sociaal ondernemerschap is een van de pogingen om de markt betekenisvol te laten zijn voor een rechtvaardige en duurzame toekomst.

les 2: Scherpe keuzen noodzakelijk: Geen ‘zoek vervang’ operatie.
De stap naar sociaal ondernemerschap is veel meer dan een ‘zoek-vervang’ opdracht, waarbij de essentie is om voor mogelijk wegvallende overheidsinkomsten nieuwe financieringe te vinden. Een van de belangrijkste lessen van de afgelopen maanden is die van ‘aanscherping’  en nog eens ‘aanscherping’. Doorbouwend op de historische kracht van ervaring, kennis en netwerken was het voortdurend de uitdaging binnen onze landen en programma’s veel nauwqkeuriger te omschrijven wat we willen bereiken en welke interventies we gaan uitvoeren om dat te doen. Breed geforemuleerde programma’s als ‘Gezondheidszorg’ of ‘ Conflicttranformatie’ bleken te vaag en als algemeen geformuleerde beleidstheorieen onvoldoende om te verwachten dat we er in een competititoeve internationale funding-markt mee zouden kunnen scoren. Voor Cordaid betekent het dat we een tweetal fundamentele kleuzen hebben gemaakt in de positionering die doorgewerkt hebben in de keuzen van de proposities:

- we concentreren ons op conflictgebieden en falende staten. Daar willen we, voortbouwend op een lange traditie, excellent opereren en onszelf presenteren als een organisatie die verstand van zaken heeft. Dat heeft onvermijdelijke consequenties voor onze programma’s in de meer stabiele landen.

- we hanteren in al ons werk het community-perspectief: building flourishing communities is de kern van ons missiestatement. Daarmee kiezen we een perspectief van waaruit we werken en van waaruit we ook globale agenda’s willen beinvloeden: als we ons met het probleem van extractives bezighouden dan doen we dat vanuit het persopectief van local communities.

Op basis van die twee profileringskeuzen hebben we een tiental social business units in ontwikkeling die varieren van ‘Health systems Strengthening in Fragile States’ tot ‘Community Security’ en van ‘Women Leaderschip for Peace and Security’ tot ‘Entrepreneurship in Fragilie contexts’.

Les 3: Funding als mainstream verantwoordelijkheid
Misschien wel de belangtrijkste les is dat funding een mainstream verantwoordelijkheid in de organisatie wordt. Waar, in het MFS, die verantwoordelijk toch vooral bij de cen trakle beleidsafdeling lag die de input van sectoren verzamelde, berewrekte en tenslotte het eindproduct van de aanvraag afrondde, ligt de fundingverantwoordelijkheid in de toekomst bij elke business unit. Sociaal ondernemerschap is niet alleen iets van de directie, maar van de hele organisatie.  transitie zal iedereen tot een sociaal ondernemer maken.

Door funding tot een brede verantwoordelijkheid te maken, wordt ook de vraag hanteerbaar in welke mate financiers de programma’s mogen beinvloeden. Want die vraag is natuurlijk aan de orde en de zorg daarover is reeel. Die vraag kan echter alleen beantwoord worden in de praktijk van het werk. Natuurlijk zijn er op organisatie-nivo een paar criteria voor het antwoord op de vraag van wie we wel en van wie we geen geld aannemen, maar de vraag hoe we onderhandelen met financiers over inhoud van programma’s en hoe we daarin tot een vergelkijk of compromis komen, kan uiteindelijk alleen op het niveau van de business units beantwoord worden. Daar moet de afweging in de driehoek van Cordaid – financier en doelgroep worden gemaakt.

Bij die ontwikkeling hoort ook dat elke social business unit een eigen verlies en winstrekening zal hebben zodat helder is waar we binnen gezonde financiele randvoorwaarden opereren en waar niet. Waar ingegrepen moet worden en waar geinvesteerd kan worden.

Les 4: Kijk naar de hele keten van je proces
Het onderscheid tussen Den Haag en de buitenlandse kantoren vervaagt en zelfs dat tussen Cordaid en haar partners vervaagt. In het klassieke subsidiemodel is de scheiding tussen den Haag en het veld nogal strikt, in termen van verantwoording, procesbesturing en kostentoerekening. In een sociale onderneming vervagen de grenzen omdat de enige vraag is hoe je de beste resultaten levert op een efficiente manier. Kunnen dingen het best in Den Haag, op een buitenlandse vestiging of bij een partner gedaan worden? Schrijf je samen in en is Cordaid de lead-agent of de partner? Daarmee biedt het concept van sociaal ondernemerschap een alternatief voor het klassieke vraagstuk van institutionele decentralisatie. Cordaid zal niet decentraliseren om haar Haagse kantoor te dupliceren in kleine kantoren elders. Ze zal zich telkens de vraag stellen waar het organisatorisch zwaartepunt ligt voor die dingen die we willen bereiken.

Eerste lessen
Het proces van transformatie naar sociaal ondernemerschap is een ‘steep learning’ ervaring. De tot nu toe geleerde lessen zijn nog pas de eerste en er zullen nog vele volgen. En soms zullen dat harde en pijnlijke lessen zijn. We heben nog slechts de eerste stappen gezet, maar ik laat me daarbij leiden door het Chineze gezegde: van een lange weg zijn de eerste stappen de belangrijkste.