2015 Aftellen tot de volgende Gaza-oorlog

Aftellen tot de volgende Gaza-oorlog
Verschenen in Trouw, zaterdag 16 mei 2015

Europa kan niet lijdzaam blijven toekijken.

Voor de zevende keer in tien jaar bezocht ik onlangs Israël en Palestina (inclusief Gaza). Er zijn weinig conflicten in de wereld die zo muurvast lijken te zitten. En zes maanden na de Gaza oorlog is er nog nauwelijks sprake van wederopbouw. Met de nieuwe regering van premier Netanyahu is het perspectief op vrede alleen maar somberder geworden. Europa kan niet afwachtend toekijken bij een politieke logica die onvermijdelijk tot de volgende oorlog leidt.

Van het nieuwe kabinet van premier Netanyahu, dat deze week rond kwam, is niets te verwachten dat de oplossing van het Israëlisch Palestijns conflict dichter bij kan brengen.  Het kabinet is nog een paar slagen onverdraaglijker dan het vorige en sommige ministers hebben al laten weten niets te moeten hebben van een twee staten oplossing. De Westbank wordt door hen consequent aangeduid als Judea en Samaria en is onderdeel van het land Israël. Palestijnen doen er beter aan te vertrekken naar de buurlanden. De nieuwe minister van justitie heeft eerder gepleit voor het beperken van de rol van het Hooggerechtshof. Overigens noemde de krant Haaretz (19 april 2015) onlangs de acceptatie door het Hooggerechtshof van de wet die schadeclaims mogelijk maakt tegen organisaties  die oproepen tot boycot van producten uit de nederzettingen op de Westbank, een schande en een aanfluiting voor het recht.

Netanyahu heeft zijn verkiezingscampagne gebaseerd op angst en macht. Angst voor de bedreigingen die op Israël afkomen. Allereerst het nucleaire programma van Iran, vervolgens Hezbollah en Hamas en tot slot de chaos (IS, Al Qaida) in het Midden Oosten. Hij gaf zijn kiezers de verzekering dat met hem als premier Israël altijd zou laten zien wie de machtigste is. Die boodschap kwam aan. Hoewel er lange tijd een nek-aan-nek race leek te zijn tussen Likud van Netanyahu en de Zionistische Unie van Herzog, bleek op de verkiezingsdag dat veel mensen in het stemhokje toch hun angst voor de dreiging  en hun vertrouwen in de macht hadden laten prevaleren. In de logica van de politiek moeten die bedreiging en de macht beide tot uitdrukking komen. Politieke boodschappen verliezen hun impact als ze niet in de praktijk bewezen worden.  Daarom is oorlog onderdeel geworden van de Israëlische politieke logica. Er is geen beter instrument om de bevolking te overtuigen van de realiteit van de dreiging en van de beschikbare macht. De oorlogen van de afgelopen jaren (drie Gaza oorlogen en een Libanon oorlog) zijn geen toevalligheden als gevolg van uit de hand gelopen conflicten. Ze zijn de onvermijdelijke elementen van een politieke logica.

Europa heeft jarenlang een politieke van constructieve dialoog gevoerd: we blijven in gesprek om invloed uit te oefenen op de Israëlische regering in de richting van een vredesregeling. De invloed van Europa is nooit groot geweest, maar is inmiddels tot het nulpunt gedaald. De Europese stemming bij de ophoging van de status van de Palestijnse Autoriteit binnen de VN (sommigen steunden dat, anderen onthielden zich van stemming), het besluit van Zweden om Palestina te erkennen en eenzelfde stemming in het Franse parlement hebben Netanyahu en andere hardliners binnen Israël tot de overtuiging gebracht dat Europa geen bondgenoot is.  En in de logica van het vijandsdenken betekent dat het einde van Europese invloed.

Europa moet daarom haar positie opnieuw bepalen en zich vooral afvragen of ze lijdzaam wil wachten tot de volgende Gaza oorlog. Nu haar invloed in de realpolitiek tot een nulpunt is gedaald, moet Europa het internationaal recht niet alleen verbaal, maar daadwerkelijk tot inzet van haar beleid maken. Israel noemt zich de enige democratie in het Midden Oosten. Palestina heeft zich gemeld als lid van de internationale gemeenschap. Beide mogen en moeten gehouden worden aan het internationaal recht Dan is er voor Europa veel te doen:
-       consequent vasthouden aan het ingezette beleid rond de labelling van producten uit de nederzettingen op de West-bank.
-       het niet langer accepteren van de blokkade van Gaza als zijnde collectieve straf en daarmee in strijd met het internationaal oorlogsrecht.
-       het consequent werken aan nieuwe Palestijnse verkiezingen en een nieuwe regering: zowel de regering van Abbas op de Westbank als die van Hamas zijn illegitiem.

Steun aan de Palestijnse autoriteit zou afgebouwd moeten worden en het associatieverdrag met Israël zou stap voor stap bevroren moeten worden als geen voortgang wordt geboekt. Als Europa het internationaal recht serieus neemt, verbindt het er ook consequenties aan.

De patstelling moet doorbroken worden. De Europese evenwichtspolitiek om met beide partijen op goede voet te blijven en zo invloed uit te oefenen in de richting van een twee staten oplossing heeft niet gewerkt. Partij kiezen heeft al helemaal geen zin in dit vastgelopen conflict. Alleen door consequent het internationaal recht als uitgangspunt te kiezen en van daaruit in woord en daad te handelen kan Europa voorkomen dat de ministers over een paar jaar, bij de volgende  oorlog in Gaza of Libanon, weer oproepen tot terughoudendheid en tot een  wapenstilstand en hun zorg uitspreken over de burgerslachtoffers.