Gezinspolitiek en Spruitjeslucht

(Digitale editie van Het Goede leven februari 2021)

Het gezin lijkt uit de tijd, zeker in de ouderwetse vorm van vader, moeder en kind. Toch is het gezin – in welke vorm dan ook – een van de kerninstituties van de samenleving. En dus mag het meer aandacht krijgen.

Er is waarschijnlijk geen gezin dat in de geschiedenis meer bekendheid heeft genoten dan dat van Jozef, Maria en Jezus. Het beeld van de kerststal met de ouders rond de kribbe met het kind is iconisch, eindeloos weergegeven in beeldhouwwerken, op schilderijen en in muziek.

Het kerstverhaal heeft in de loop van de tijd een sfeer van harmonie en sereniteit meegekregen. Muzikaal klinkt het in zoetgevooisde klanken en in de schilderkunst overheersen vaak zachte kleuren en vormen.

In dat spoor wordt het Kerstfeest bij uitstek als gezinsfeest of familiefeest beleefd. Supermarkten pakken uit met speciale kerstreclames van families rond een rijk gevulde kerstdis.

Het gezin wordt geassocieerd met spruitjeslucht, met moeders-aan-het-aanrecht en klassieke genderrollen

Al die positieve aandacht voor gezin en familie kunnen niet verhelen dat we verlegen zijn met het gezin. We houden niet van het beeld van vader en moeder (tot de dood ons scheidt), en twee of meer kinderen. De cijfers over echtscheidingen, de groeiende diversiteit aan relatievormen, het aantal alleenstaanden in de samenleving en het aantal bewust kinderloze mensen maakt dat het gezin iets geworden is van vroeger, waar we liever niet aan herinnerd worden. Het gezin wordt geassocieerd met spruitjeslucht, met moeders-aan-het-aanrecht en klassieke genderrollen.

Maar de allergie voor het gezin maakt dat het belang daarvan wordt gemarginaliseerd. Ook één-oudergezinnen, samengestelde gezinnen, tweede-huwelijk-gezinnen, lgbt-gezinnen spelen een centrale rol in de opvoeding, op hoe we volwassen worden en onze plaats innemen in de samenleving.

Wortels

Wanneer mensen in interviews wordt gevraagd naar hun geschiedenis komt vrijwel altijd naar voren hoe invloedrijk de gezinssituatie is geweest. Daar liggen onze wortels. De waarden en idealen, de omgangsvormen, de gevoeligheid voor taal, cultuur, ambities, ondernemerschap, sport hebben daar hun oorsprong.

De overheid treedt corrigerend en repressief op bij huiselijke problemen. Maar dat is allemaal achteraf

Pedagogen en jeugdpsychologen hameren voortdurend op het belang van die opvoedingscontext en wat daarin wel of niet gebeurt. Problematisch gedrag in de puberteit wordt regelmatig in verband gebracht met onveilige hechting, of gebrek aan richting.

In een steeds verder opgetuigd systeem van jeugdbescherming en jeugdhulpverlening grijpt de overheid in en stuurt bij met ondertoezichtstelling, uithuisplaatsing en campagnes tegen huiselijk geweld. De overheid treedt corrigerend en repressief op bij huiselijke problemen en gedrag dat over de schreef gaat. Maar dat is allemaal achteraf.

Thuiswerken

De coronacrisis heeft de plek die het gezin inneemt in het leven van veel mensen extra onder de aandacht gebracht. Door het gedwongen thuiswerken en omdat uitgaan niet meer aan de orde is, hebben sommigen herontdekt hoe plezierig het is om met je huisgenoten op te trekken, het werk van je partner beter te leren kennen of te ontdekken hoe schoolwerk in de loop der jaren is veranderd.

Het gezin bleek ineens een laatste bastion waarop we terug moeten vallen als het publieke leven stilvalt

Anderen hebben het schrijnende van hun alleen-zijn dieper gevoeld. Voor weer anderen werden toch al spanningsvolle huiselijke relaties nog meer op scherp gezet. Het belang van de gezinssituatie, hoe die ook is, kwam in deze crisis op een nieuwe, ongedachte manier naar voren. Het gezin bleek ineens een laatste bastion waarop we terug moeten vallen als het publieke leven stilvalt.

We hadden nooit gedacht dat het publieke leven nog stil zou kunnen vallen een in 24/7-samenleving en -economie, maar ineens bleek dat te kunnen. We zijn blij dat er een thuis is, nu werk, school, theater en bioscoop gesloten zijn.

Daarnaast is er de steeds vanzelfsprekender rol die grootouders spelen in de zorg voor kleinkinderen. Ik ken er die daardoor wekelijks vanuit Utrecht, Amersfoort of Arnhem naar Maastricht, Eindhoven of Rotterdam reizen. Hun betrokkenheid gaat veel verder dan simpele (goedkope) oppas. Ze geven hun ervaringen door, brengen levenswijsheid mee en geven kleinkinderen besef van geschiedenis, ver voor ze hun eerste geschiedenislessen krijgen. 

Kerninstitutie

Het gezin behoort tot de kerninstituties van onze samenleving. Misschien is het wel van net zo groot belang als de rechtstaat of de parlementaire democratie. De basis voor ons omgaan met de samenleving, respect voor rechtstaat, besef van verantwoordelijkheid voor het collectief wordt daar gelegd. Het gaat vooraf aan alle interventies in het publieke domein van onderwijs en media.

De discussies over de inrichting van burgerschap in het middelbaar onderwijs, over wat daar geleerd moet worden en hoe verplichtend dat moet zijn, zijn ongetwijfeld noodzakelijk, maar basiswaarden en basishouding zijn dan al lang en breed geworteld.

We hebben maatschappelijk geen oog en waardering voor de verzorgende taken die binnenshuis worden verricht

De betekenis van het gezin wordt nogal onderschat, en de mogelijkheden wat daar misgaat te corrigeren via publieke voorzieningen (kinderopvang, voorschoolse begeleiding, consultatiebureaus, kinderbescherming, jeugdzorg), wordt overschat. We weten wel hoe belangrijk het gezin is als context voor opvoeding en opgroeien, maar we zijn verlegen met de vraag wat we willen en kunnen doen om het gezin als institutie te versterken.

Wat ouders thuis doen aan verzorging van hun kinderen, wordt niet gezien als economisch waardevol. Foto Pexels

Economisch

Vaak gaat het over kinderopvang met een sterk accent op de economische kant: hoe zorgen we ervoor dat het economisch potentieel van vooral vrouwen beter wordt benut en hoe zorgen we dat hun ontplooiingskansen niet wordt gefrustreerd door de zorg voor kinderen. We spreken inmiddels over de kinderboete: de inkomensteruggang van vrouwen na het krijgen van kinderen. We hebben maatschappelijk geen oog en waardering voor de verzorgende taken die binnenshuis worden verricht.

Om het gechargeerd te zeggen: zorg voor kinderen binnenshuis vinden we kapitaalsvernietiging van vrouwen, kinderopvang buitenshuis is een waardevolle economische activiteit. Blijkbaar zien we het gezin en wat daarbinnen gebeurt als een beperking en belemmering voor het echte vitale en productieve leven, dat zich blijkbaar buiten afspeelt.

Minister

Het vierde kabinet Balkenende (2007-2010) kende met André Rouvoet een minister voor Jeugd en Gezin. Bij de kabinetsformatie van dat kabinet werd het gezien als een tegemoetkoming aan de profilering van de ChristenUnie, maar het ministerie was een kort leven beschoren: in het gedoogkabinet Rutte 1 was deze projectminister weer verdwenen.

Gezinspolitiek heeft een slechte naam. Wie er te veel over spreekt wordt er al gauw van verdacht terug te willen naar de jaren vijftig van de vorige eeuw, om zo zestig jaar emancipatie teniet te willen doen. Gezinspolitiek lijkt op bemoeizucht met de persoonlijke levenssfeer, of slechts als middel om door meer kinderen het demografisch tekort in de toekomst te voorkomen.

Het is een verlammende beeldvorming waardoor het kerninstitutie van de samenleving er bekaaid vanaf komt in de maatschappelijke aandacht.

Niet ideaaltypisch

Het harmonische en zoetgevooisde beeld van het Kerstgezin is eenzijdig. Wie het evangelie van Matteüs leest, ziet ook de andere kant. Daar is sprake van crisis als Jozef ontdekt dat Maria al zwanger is. Hij denkt erover in stilte van haar te scheiden om haar niet in opspraak te brengen. Hij wil geen gedonder. Hij moet van buitenaf door een engel overreed worden zijn gearrangeerde huwelijk met Maria door te zetten.

Het kerstevangelie tekent niet een ideale start van een ideaal gezin, dit gezin kende zijn eigen crisis

Met de onduidelijkheid over zijn vaderschap is hij haast modern en past hij niet in het ideaaltypische gezin. Het kerstevangelie tekent niet een ideale start van een ideaal gezin, dit gezin kende zijn eigen crisis.

Er is dus weinig reden ons te laten vastzetten in een ideaaltypisch beeld van het gezin. In de diverse realiteit van vandaag zijn er veel gezinnen die alle zeilen moeten bijzetten om een goede en veilige basis te leggen. Zij hebben meer nodig dan een corrigerende hand als het mis gaat.

René Grotenhuis is vice-voorzitter van de Vereniging van Katholieke Maatschappelijke Organisaties (VKMO) en voormalig directeur van Cordaid.